fbpx

Een dagje later vanwege de grote stroomstoring van dinsdag, maar dan nu toch een taalblog online. Twee weken geleden over het sonnet, vandaag over de haiku (spreek uit: haai koe) en het elfje. Deze twee dichtvormen hebben best wel wat gemeen met elkaar.

Als eerste de haiku

Lang geleden in het feodale Japan was er een man die altijd trouw had gevochten voor zijn heer. De heer van deze man, laten we hem Yoshi noemen, was echter een wreed man. Op een dag werd Yoshi bij zijn heer geroepen en mocht hij deelnemen aan de maaltijd. Hij mocht daarbij zijn beste vriend meenemen.

De rijst werd rondgedeeld en in één van de rijstbakjes stonden de eetstokjes rechtop in het bakje. De genodigden keken vol ongeloof naar het bakje rijst: iedereen wist wat het betekende. Het bakje rijst kwam terecht bij Yoshi. Yoshi schrok want hij wist dat dit zijn laatste avondmaal zou zijn. Langzaam at hij zijn rijst op.

Daarna werden Yoshi en zijn beste vriend naar een aparte kamer geleid. Daar schreef Yoshi zijn laatste haiku. En toen was het zo ver: hij stak zijn zwaard in zijn buik, haalde het zwaard van links naar rechts en omhoog. Op dat moment sloeg zijn vriend toe en onthoofde hem. Seppukku, in de volksmond beter bekend als harakiri.

Het was dus traditie om een haiku te schrijven voordat je voor je heer zelfmoord pleegde. Heel eervol ook. Nu is het schrijven van een haiku best lastig omdat je aan een aantal regels moet voldoen:

  • De eerste regel heeft vijf lettergrepen
  • De tweede regel heeft zeven lettergrepen
  • De derde regel heeft weer vijf lettergrepen
  • Het gaat oorspronkelijk over de natuur
  • De originele onderwerpen zijn de vier seizoenen plus nieuwjaar.

De bekendste haiku schrijver is de Japanse Matsuo Basho. Deze dichter schreef veel haiku’s waarvan er eentje op een muur in Leiden is terechtgekomen op de kruising van het Rapenburg en de Nonnensteeg.

De haiku is ontstaan uit de hokku. Een hokku was een soort aanzet voor een kettinggedicht. Dat kon door andere dichters afgemaakt worden. De hokku ontstond in de zeventiende eeuw. Pas in de negentiende eeuw werd de hokku verzelfstandigd tot een haiku. De bekendste haiku, of eigenlijk hokku, van Basho is:

Ach oude vijver
de kikkers springen er in
geluid van water.

Je ziet dat hier de natuur het uitgangspunt is. Waarschijnlijk is het seizoen zomer, de kikkervisjes zijn groot geworden. Natuurlijk kan het ook lente zijn en de kikkers ontwaken om gezellig weer in het water te springen.

De overeenkomst tussen haiku en elfje

Dat is het tellen. Bij de haiku tel je lettergrepen, bij het Nederlandse elfje woorden. Een elfje bestaat uit elf woorden verdeeld over vijf regels.

Op regel één staat één woord: een kleur of een eigenschap. Op regel twee staan twee woorden: iets dat deze kleur  of eigenschap heeft (een voorwerp of een persoon). Op regel drie, drie woorden waarvan het eerste woord een persoonlijk voornaamwoord (bijvoorbeeld hij/zij/het/wij/jullie/zij) is, gevolgd door een werkwoord. De drie woorden geven uitleg bij de persoon of het genoemde voorwerp uit regel twee. Regel vier heeft vier woorden. Deze regel begint met ‘ik’ en je schrijft iets over jezelf met betrekking tot het voorwerp of de persoon. Regel vijf heeft één slotwoord.

Witgeel
De zon
Hij geeft warmte
Ik bloei weer op
Lente
Eigen maaksel

Het elfje komt uit de Verenigde Staten en heet daar Cinquain. De eerste die deze dichtvorm gebruikte was Adelaide Crapsey. Zij werd beïnvloed door de Japanse haiku en ontwierp het systeem dat bij ons nu bekend staat als het elfje. Het wordt vooral aan kinderen geleerd vanwege de korte vorm.

In de Amerikaanse versie worden ook lettergrepen geteld. De eerste regel heeft twee lettergrepen in één woord en dat is gelijk de titel; regel twee heeft vier lettergrepen. Regel drie heeft zes lettergrepen en beschrijft meestal een actie. Regel vier heeft acht lettergrepen en die laten meestal een gevoel zien. In regel vijf worden dan weer twee lettergrepen geschreven die een ander woord zijn voor de titel. Onderstaand gedicht van Crapsey houdt zich er niet helemaal aan. Dichterlijke vrijheid zullen we maar zeggen. Om kinderen niet af te schrikken, is dit in Nederland overgenomen met het tellen van woorden in plaats van lettergrepen.

Een Amerikaans elfje ziet er zo uit:

Listen…
With faint dry sound,
Like steps of passing ghosts,
The leaves, frost-crisp’d, break from the trees
And fall.
Adelaide Crapsey

Vertaling:

Luister…
Met zacht droog geluid
Als stappen van passerende geesten
De bladeren met rijp breken van de bomen
Vallen

In het Nederlands kloppen de lettergrepen niet en ook de woorden per regel kloppen niet. Dan zou ik dus het hele gedicht moeten ombouwen. Ander keertje. Maar misschien lukt het jullie om het gedicht om te werken naar een Nederlandse vertaling die aan de eisen van de Amerikaanse cinquain voldoet? Laat hem achter in de reacties. Vind ik leuk!

geen smoesjes meer, inspiratie vind je overal, teksten openen

Schrijf je in voor de wekelijkse inspiratiemail

Iedere week krijg je een mail met een schrijfopdracht die je inspiratie geeft om een kort verhaal te schrijven. Dit kun je dan publiceren op je blog, of lekker voor jezelf houden. Af en toe zal ik ook informatie sturen over schrijfcursussen en andere tekstgerelateerde zaken.

Je bent succesvol ingeschreven!

Copied!