fbpx

Vorige week sloot ik de stijlkwesties op woordniveau af met moeilijke woordparen en het gebruik van de n achter woorden als vele, andere en sommige. Vandaag ga ik verder met de stijlkwesties op zinsniveau. Ik zal het hierbij hebben over ontspoorde zinnen, tangconstructies, foutieve samentrekkingen, foutieve inversie, foutieve beknopte bijzinnen, de lijdende vorm, de naamwoordstijl, foutieve opsommingen, onvolledige zinnen en dubbele ontkenningen. Vandaag heb ik het over ontspoorde zinnen en tangconstructies. De rest zal ik parkeren tot de volgende keren.

De ontspoorde zin

Als je zinnen erg lang maakt, dan is het vaak lastig om de draad van de zin vast te houden en dan kan het zijn dat ontspoort de zin. De voorgaande zin valt nog wel mee qua lengte, en natuurlijk heb ik hem expres laten ontsporen. Maar het is wel wat er gebeurt met te lange zinnen. Mensen die met het Nederlands zijn opgevoed, zullen intuïtief aanvoelen dat er iets niet klopt aan de zin. Zelfs mensen zonder taalgevoel zullen iets merken, al kunnen ze er de vinger misschien niet op leggen. Voor anderen is het een kwestie van aanleren hoe de zinsvolgorde in het Nederlands behoort te zijn. Het is een lastige stijlkwestie.

Doordat we om zeven uur thuis moesten zijn, wilden we nog vlug even in de nieuwste attractie waar we nog niet in waren geweest omdat we waren de tijd helemaal vergeten en nu was het bijna te laat.

De fout gevonden? Hij zit in het laatste stukje van de zin: omdat we de tijd vergeten waren is de juiste volgorde. Een ander woord voor ontspoorde zinnen zijn anakoloeten. Als je lange zinnen maakt, let dan goed op dat je de delen die bij elkaar horen ook daadwerkelijk bij elkaar zet in de zin.

Neem je lezer niet in de tangconstructies

Ook deze stijlkwestie heeft te maken met het bij elkaar zetten van zinsdelen. Als je tussen twee woorden die bij elkaar horen, veel andere woorden zet, dan noemen we dat een tangconstructie. Een tangconstructie maakt de zin onoverzichtelijk en onbegrijpelijk. Daarom is deze constructie beter niet te gebruiken. Een voorbeeld:

Mijn ontbijt, dat doorgaans bestaat uit een kom muesli met gedroogde appel en banaan, havervlokken en yoghurt waar ik nog wat diksap doorheen meng, een kopje thee en een stuk fruit van de biologische groenteboer omdat dit onbespoten is, geeft mij voldoende energie om de ochtend op mijn werk door te komen.

Het hele stuk tussen de woorden ontbijt en geeft doet helemaal niet ter zake. Je kunt ook zonder deze informatie. En je raakt de essentie van de zin kwijt: het geeft je energie. Wil je daarna nog vertellen waar je ontbijt uit bestaat, dan kun je dat beter in een nieuwe zin doen.

Er zijn vier soorten tangconstructies:

  1. De bijzintang
  2. De onderwerp-persoonsvormtang
  3. De werkwoordelijke tang
  4. De lidwoord-naamwoordtang

De bijzintang is het voorbeeld dat ik gegeven heb over dat ontbijt van mij. Heel gezond – het zou niet misstaan op een lifestyleblog -, maar behoorlijk onoverzichtelijk.

De onderwerp-persoonsvormtang is een tangconstructie waarbij er veel informatie wordt gezet tussen een onderwerp en een persoonsvorm die bij elkaar horen. Je ziet ze vaak in ambtelijk taalgebruik:

Ook een instructiebijeenkomst, waarbij de opties van de huurders worden doorgesproken en een video wordt getoond over het te openen winkelcentrum, behoort tot de mogelijkheden.

Bij de werkwoordelijke tang, eentje waar ik me nog wel eens schuldig aan maak, wordt extra informatie neergezet tussen twee werkwoorden. Bijvoorbeeld in de vorige zin. Nu valt het nog wel mee, omdat het maar twee woordjes zijn, maar stel je voor dat ik er nog meer woorden tussen had gezet zoals in het volgende voorbeeld:

In de afgelopen jaren is een groot deel van de middelen die beschikbaar waren voor de kunst- en cultuursector in het gapende zwarte gat van het begrotingstekort verdwenen.

Bij de laatste tang, de lidwoord-naamwoordtang, zien we een hele bijzin tussen een lidwoord en een naamwoord. Zie de volgende zin:

De door de directie naar aanleiding van de tegenvallende jaarcijfers voorgestelde plannen worden door de ondernemingsraad getorpedeerd.

Zoals je in de voorbeelden kunt zien, zijn de zinnen niet echt leesbaar. Ik zou er zelf twee zinnen van maken of de zin volledig ombouwen naar een begrijpelijkere constructie. Bijvoorbeeld:

  1. Mijn ontbijt geeft mij voldoende energie om de ochtend op mijn werk door te komen. Het bestaat doorgaans uit een kom muesli met gedroogde appel en banaan, havervlokken en yoghurt waar ik nog wat diksap doorheen meng, een kopje thee en een stuk fruit van de biologische groenteboer omdat dit onbespoten is.
  2. Ook een instructiebijeenkomst behoort tot de mogelijkheden. Bij zo’n bijeenkomst worden de opties van de huurders doorgesproken en er wordt een video getoond over het te openen winkelcentrum.
  3. In de afgelopen jaren is een groot deel van de beschikbare middelen voor de kunst- en cultuursector verdwenen in het gapende zwarte gat van het begrotingstekort.
  4. De plannen die door de directie naar aanleiding van de tegenvallende jaarcijfers worden voorgesteld, worden door de ondernemingsraad getorpedeerd.

Dit zouden mijn suggesties zijn, maar waarschijnlijk zou jij het weer anders doen. Dat mag. Taal is veranderlijk en wordt door iedereen anders gezien. Het gaat er uiteindelijk om dat je geen tangconstructies gebruikt en je zinnen niet laat ontsporen.

Pin It on Pinterest