fbpx

Oké een blog over wier en wiens. Leuk woord, Sandra krijgt er kriebels van. Ik reageerde:

O jee, het belerende vingertje. Moralistisch, normatief en op en top de schooljuf die haar leerlingen graag de les wil lezen. Maar dat is niet wat ik wil met deze taalblogs. Ik wil graag uitleggen, vertellen en wijzer maken. Niet belerend of moralistisch overkomen door te schrijven dat het gebruik van een woord ouderwets is. Mijn lezer mag zelf bepalen of hij of zij als ouderwets te boek wil staan.

Over wier en wiens

Woorden als wier en wiens zijn woorden die gebruikt werden om een bezitsrelatie aan te geven, het geeft aan van wie iets is. Het zijn restanten van het naamvallensysteem dat ik eerder al besprak. Het woord wier wordt gebruikt voor vrouwelijke woorden, wiens voor mannelijke woorden. Twee voorbeelden:

  • mannelijk: Klaas, wiens computer stuk was, ging terug naar de Applestore*.
  • vrouwelijk: Ellen, wier ketting gevonden werd, was enorm blij.

Computer is een mannelijk woord (hoewel daar ook over te twisten valt), ketting vrouwelijk. Maar daar gaat het niet om. Het gaat om naar wie het verwijst: Klaas is een mannetje, Ellen een vrouwtje, daarom gebruik je respectievelijk wiens en wier.

Het grootste probleem van het gebruik van deze woordjes lijkt te zitten in de combinatie van mannelijke en vrouwelijke woorden in één zin.

  • De dame, wiens kinderen nooit meer langskomen, voelt zich eenzaam.

Wiens verwijst hier naar de dame. Dat is toch duidelijk een vrouwelijk woord. Maar waarom wordt er dan een mannelijk woord gebruikt om naar haar te verwijzen in deze bezitsrelatie? Volgens twee onderzoekers, Joop van der Horst en Kees van der Horst, is er waarschijnlijk een verschuiving opgetreden in de regel die voor deze woorden geldt:

Wiens is het algemene woord voor beide geslachten en het meervoud geworden. Bron: Geschiedenis van het Nederlands in de twintigste eeuw (1999)

Waar eerst het woordje wier werd gebruikt voor vrouwelijke bezitsrelaties en meervouden, wordt daarvoor nu ook wiens geaccepteerd. De taaladviesboeken zijn nog een beetje conservatief terughoudend. Wel constateren zij de verandering die plaatsvindt.

In het verlengde hiervan kennen we dier en diens

  1. Mieke vroeg aan de vrouw en diens dochter of ze haar wilden helpen.
  2. Mieke vroeg aan de vrouw en dier dochter of ze haar wilden helpen.
  3. Mieke vroeg aan de vrouw en haar dochter of ze haar wilden helpen.

Deze voorbeelden komen ook van de site van Onze Taal. Zin 1 en 3 klinken mij vrij natuurlijk in de oren, zin 2 nogal kunstmatig. Ik zou zelf nog onderscheid maken tussen zin 1 en 3, waarbij zin 1 schrijftaal en zin 3 spreektaal is.

Leuke woorden voor Scrabble en Wordfeud

Uiteindelijk moeten we de conclusie trekken dat woorden als wier, wiens, dier en diens leuk zijn voor Scrabble en Wordfeud, maar dat ze uit het “gewone” taalgebruik steeds meer verdwijnen, omdat veel mensen het verschil niet meer kennen. Daarnaast is het een restant uit het oude naamvallensysteem, dat alleen nog maar wat archaïsche constructies kent als te allen tijde om ons te plagen tijdens het Groot Dictee der Nederlandsche Taal en om onze pubers tot wanhoop te drijven. En sommige mensen krijgen er de kriebels van.

*Jaja, Macbooks gaan nooit stuk. Grapje tussendoor moet kunnen, toch? Niet stressen fanbois en -girls 🙂

geen smoesjes meer, inspiratie vind je overal, teksten openen

Schrijf je in voor de wekelijkse inspiratiemail

Iedere week krijg je een mail met een schrijfopdracht die je inspiratie geeft om een kort verhaal te schrijven. Dit kun je dan publiceren op je blog, of lekker voor jezelf houden. Af en toe zal ik ook informatie sturen over schrijfcursussen en andere tekstgerelateerde zaken.

Je bent succesvol ingeschreven!

Copied!