fbpx

De muziek in de club waar ik ben zwelt aan. Ik tel mee met de maat: “1, 2, 3 5, 6, 7.” Het is een salsa. Ooit heb ik een jaar salsales gehad, maar daar ben ik mee gestopt. Geen van de mannen, behalve de dansleraar en een bodybuilder konden mij leiden. Voor de andere mannen daar was het lijden om met mij te dansen. dansen

Zittend op mijn stoel, tikken mijn voeten mee op de maat. Dan staat er ineens iemand voor me. Hij is lang, heeft donkere ogen een mooi overhemd waarvan de bovenste knoopjes openstaan en hij vraagt mij ten dans. Ik leg mijn hand in zijn hand en we gaan de dansvloer op. Hij neemt mijn arm en legt hem op zijn schouder, legt zijn arm om mijn heupen en neemt mijn andere hand stevig in de zijne.

Met zijn heupen en zijn arm leidt hij mij over de dansvloer. We glijden over de vloer alsof we vleugels hebben. Ik voel me in ieder geval zo. Met zijn dwingende manier van dansen voert hij mij van de ene hoek naar de andere, dwars over de vloer. Ik draai en glijd moeiteloos door zijn armen en voel me als een veertje. Het lijkt alsof we de enige in de zaal zijn. De mysterieuze man stuurt mij draaiend en heupwiegend in zijn pad. Zijn ogen laten de mijne niet los, alsof hij mij daarmee vast wil houden. Mijn wangen zijn hoogrood, van zijn dwingende manier van dansen en zijn vasthoudende manier van naar mij kijken.

Dan laten zijn handen mij los. De dans is afgelopen. De muziek is opgehouden. Een steek van teleurstelling gaat door mijn hart. Voor hij weggaat, pakt hij mijn hand, kust hem en fluistert met zijn donkere stem: “Ik heet Gino. Tot snel.” Dan laat hij mij staan op de dansvloer met de belofte dat hij snel weer terugkomt. Ik ga weer zitten op mijn stoel. De muziek is inmiddels weer begonnen. Het is een rumba.

photo credit: Sebastián-Dario via photopin cc

Lees ook deel 2

Pin It on Pinterest