fbpx

Noot: het kan twee kanten op met het slachtoffer. Beide kanten vond ik even leuk: aan jullie de keuze tussen het eerste verhaal en het tweede. Dit verhaal is de andere kant van het verhaal over de dief. Om de samenhang te begrijpen, kun je het beste eerst het verhaal over De dief lezen.

Een beetje slingerend liep ik door de stad. Soms bedenk je je pas later dat je dat zesde biertje misschien beter niet had kunnen nemen. Het zevende viel wel weer goed. Daar lag het niet aan. Maar de zaken gaan goed, ik heb mooie deals gesloten. Ik ga nu echt iets opbouwen. Dat voelt goed. Wat niet goed voelt, is dat ik het idee heb dat ik gevolgd wordt, maar ik zie niemand.

Ik bleef stil staan voor een etalage met overhemden. “O, man ik moet echt pissen”, dacht ik. Ik keek rond en zag de straatnaam. Om de hoek wist ik een kroeg waar ik wel even kon gaan. Wankelend liep ik de steeg in op weg naar de kroeg. Het was druk in de steeg. “Sorry”, hoorde ik iemand zeggen, maar ik zag niet wie. Ik stapte de kroeg binnen en ging naar de wc. Tijdens het pissen keek ik naar mijzelf in de spiegel. Ik zag er een beetje dronken uit: wallen onder mijn ogen en een tweedagenbaard. Dat nachtwerk was niet goed voor me. Ook mijn wangen waren ingevallen.

Verhaal 1

Mijn blik dwaalde af naar mijn buik en vervolgens verder naar beneden. Een beetje suf staarde ik naar mijn open tas die ik op de grond had gezet. Niet goed registrerend wat ik zag, bleef ik naar de tas staren. De tas. Open. Had ik mijn tas open gelaten nadat ik geluncht had? Ik borg mijn zaakje op en pakte mijn tas. Met twee handen doorzocht ik de tas. Mijn portemonnee was weg! Weg! Shit, man!

Er zat een paar honderd euro in die portemonnee, de opbrengst van een nacht handel. Ik was gerold en ik had voor niks een hele nacht in veel te drukke disco’s gestaan met stampende muziek en zwetende jongeren die maar wat graag een pilletje wilden proberen. Nu moest ik opnieuw beginnen en vannacht weer over de herrie heen schreeuwen en de uitsmijters ontwijken. Wat een ongelooflijke naaistreek! Nou ja, terug naar het lab dan maar en nieuwe pillen maken.

Thuisgekomen liep ik linea recta naar mijn ondergrondse lab. Ik was moe, maar ik moest nieuwe pillen maken. Mijn hand trilde van vermoeidheid en daarom schoot ik uit met de stof die het hallucinerende effect veroorzaakt. Jammer dan, ik ga niet opnieuw beginnen, dacht ik geërgerd, een dooie meer of minder maakt nu ook niet meer uit.

Verhaal 2

Nadat ik mijn handen had gewassen, pakte ik mijn tas op en keek naar de tas: in één oogopslag zag ik dat mijn portemonnee er niet meer in zat. In die portemonnee zat een paar honderd euro. Geld dat ik absoluut niet kon missen. Sterker nog, het was niet eens mijn geld! Ik baalde als een stekker. Wat moest ik nu doen? Aangifte? Ik had niet gezien wie mijn portemonnee had gepakt, dus daar kon ik niks mee en van de politie had ik nog nooit iets goeds meegekregen.

Maar het geld was weg en dat was het allerergste. Hoe moest hij dit nu uitleggen? Zouden ze het begrijpen of zouden ze hem beschuldigen? Dat hij het geld had verzopen in de kroeg? Hij had maar zeven biertjes gedronken waarvan het zesde zelfs slecht was gevallen en dat had hij van zijn eigen geld betaald. Hij was niet aan het geld gekomen. Dat was voor het hondenasiel.

De schrijfopdracht: schrijf een verhaal vanuit het oogpunt van een dief en een slachtoffer. Ik heb het een klein beetje aangepast door het verhaal ook vanuit het oogpunt van het slachtoffer te schrijven en er een omkering in te maken.

photo credit: arrant_artifact via photopin cc

Pin It on Pinterest