fbpx

Ik ga vandaag verder over incongruentie, inconsequent gebruik van werkwoordtijden en persoonlijke voornaamwoorden en het prachtige begrip vaagtaal. Eerst maar eens wat inconsequents doen.

bron

Inconsequent zijn is niet handig

Niet alleen in de opvoeding begrijp ik, maar ook bij het gebruik van werkwoordtijden en persoonlijke voornaamwoorden. Voor werkwoordtijden geldt, dat je je aan je keuze voor een bepaalde tijd houdt: als je kiest voor de verleden tijd in een tekst, dan stapte je niet ineens over naar de tegenwoordige tijd. Dat staat raar, kijk maar naar de vorige zin.

Ook bij je keuze voor persoonlijke voornaamwoorden (ik, jij, hij, wij, jullie, zij, het, men, u) moet je consequent zijn. Kies je voor het woord “men”, dan zul je die keuze door je gehele tekst moeten vasthouden. Je kunt niet eerst het woordje “je” gebruiken en dan overgaan op “wij”. Kijk maar:

Als je kijkt naar de Olympische spelen, ziet men dat er een grote hoeveelheid medailles door ons is gewonnen.

Er worden hier drie verschillende persoonlijke voornaamwoorden gebruikt: je, men en ons. Dit is heel verwarrend. Dat kun je dus beter niet doen.

Incongruentie lijkt op inconsequent taalgebruik

En dat is het eigenlijk ook. Incongruentie wil zeggen dat je een meervoud en een enkelvoud door elkaar gebruikt. Het gaat om het husselen van een enkelvoudig onderwerp met een meervoudige werkwoordsvorm of andersom. Meestal gaat dit automatisch goed, maar er zijn momenten dat je even moet opletten. Kijk eens naar deze zinnetjes.

  1. Een groot aantal mensen hebben thuis een spelcomputer.
  2. De deelnemers worden gevraagd om zich te melden bij de start

Niks mis mee toch? Ja, wel! Bij de eerste zin wordt het enkelvoudig onderwerp verward met meervoud. Het gaat hier niet om de mensen, maar om een aantal mensen. Aantal is enkelvoud, dus moeten we een enkelvoudige persoonsvorm gebruiken.

Bij de tweede zin wordt er ten onrechte gedacht dat het onderwerp van de zin de deelnemers is. Dat is niet zo. Het onderwerp is helemaal niet aanwezig in deze zin. Er wordt iets verzocht aan de deelnemers. Het zinsdeel is een meewerkend voorwerp. Ik kom hier nog op terug bij redekundig ontleden.

De zinnen moeten dus als volgt worden aangepast:

  1. Een groot aantal mensen heeft thuis een spelcomputer.
  2. De deelnemer wordt gevraagd om zich te melden bij de start.

Andere woorden die ten onrechte als meervoud gezien kunnen worden zijn:

  • massa
  • hoeveelheid
  • groep

Als je vage woorden gebruikt, dan gebruik je vaagtaal

Vage woorden zijn bijvoorbeeld:

  • veel
  • sommige
  • een grote groep
  • de meeste mensen
  • men

Je kunt dit soort woorden beter vermijden, omdat je tekst anders niet gaat leven. Gebruik liever voorbeelden, desnoods geanonimiseerd. Politici zijn ook sterren in het gebruik van vaagtaal. Heb je enig idee hoeveel andere woorden er bestaan voor het woord bezuinigingen? Het zijn er 26! Synoniemen.net heeft daar een prachtige grafische weergave van. En waarschijnlijk zijn er nog wel meer woorden die gebruikt worden, die nog niet zijn opgenomen in het synoniemenwoordenboek.

Op internet bestaat een organisatie die zich bezighoudt met Vaagtaal. In 2013 reikte zij de vaagtaalprijs uit voor het woord “participatiesamenleving”. Het was alweer de zesde jaargang van deze verkiezing. Het blijkt dat vaagtaal nog altijd niet verbannen is. Van de website:

Wat is vaagtaal?
Vaagtaal is het gebruik van woorden en uitdrukkingen die onduidelijk, dubbelzinnig, misleidend, overbodig of storend zijn. Veel schrijvers lijden aan vaagtaal en besmetten andere schrijvers via hun teksten. Vaagtaal is namelijk een LOA, een door Lezen en luisteren Overdraagbare Aandoening. Teksten die vaak vol staan met vaagtaal zijn onder andere beleidsbabbels, managementspeak en onderwijslingo.

Dus probeer vaagtaal zoveel mogelijk te vermijden en kies duidelijke woorden, zodat iedereen weet wat je bedoelt.

Pin It on Pinterest